Het is best lastig om zo te communiceren dat de ander werkelijk begrijpt wat je bedoelt. Dat gaat niet vanzelf. Je moet het leren. Dat kost tijd, aandacht en vertrouwen. Een basisvoorwaarde voor een goede communicatie is een goede wil en ervaring dat je je veilig kunt voelen bij de ander. Je kunt besluiten om elkaar te willen vertrouwen, maar dat vertrouwen moet wel groeien. Laat merken dat je betrouwbaar bent. Dat uit zich in kleine dingen, zoals trouw zijn in de taken in huis. Weet je van elkaar dat je doet wat je zegt? Dat opent ook het vertrouwen in de belangrijker zaken.

Neem tijd voor elkaar om echt te praten. Niet alleen om feiten uit te wisselen, maar om werkelijk de diepte in te gaan en je gevoelens en gedachten te delen.

Vijf niveaus van communicatie

Er zijn verschillende niveaus van communicatie. Elk niveau vraagt een andere mate van openheid, transparantie en vertrouwen.

  • Clichés – Dit zijn in feite nietszeggende gesprekjes, herkenbaar door oppervlakkige uitwisseling van clichématige woorden: hallo, dag, mooi weer vandaag…..

Je vertelt eigenlijk niets.

  • Feiten – Elkaar op de hoogte houden van allerlei gebeurtenissen (praten over activiteiten, zoals de voetbalwedstrijd van gisteren, de drukte op straat, wat de kinderen op school beleefden).

Je vertelt elkaar wat je weet.

  • Meningen – Je mening ergens over geven vraagt al wat meer betrokkenheid. De moeite nemen, niet om gelijk te krijgen, maar om de ander uit te leggen waarom je iets vindt. Je herkent dit niveau aan de zinnen die beginnen met ‘ik vind’.

Je vertelt wat je denkt.

  • Gevoelens – Blij, bang, bedroefd, boos … Wie vertrouw je genoeg om je gevoelens aan toe te vertrouwen? Door iets over je gevoel te vertellen, laat je een stukje van je persoonlijkheid zien. Dat maakt kwetsbaar, maar ook ontvankelijk.

Je vertelt wat je voelt.

  • Transparant zijn – Open en eerlijk durven zijn over je motieven, gedachten en gevoelens. Dat schept ruimte om ook diepere dingen te vertellen. Dingen die je niet zo gemakkelijk aan anderen vertelt. Communiceren op dit niveau vraagt om een veilig klimaat en om respect voor elkaar.

Je vertelt wie je bent.

Hoe verder we komen in het rijtje van 1-5, hoe opener we worden en hoe minder mensen we in vertrouwen nemen.

Vragen om het samen over te hebben:

  1. Wat is de manier waarop jij meestal communiceert met de mensen in het algemeen/in de omgeving met je partner?
  2. Kun je je herinneren wanneer je voor de laatste keer op niveau 4 of 5 met elkaar hebt gesproken?

Het onderstaande testje kan je helpen om belemmeringen te ontdekken in je onderlinge communicatie. Test jezelf en je partner op de genoemde punten.

Zet een kruisje voor jezelf en een rondje voor je partner (1 klopt niet, 6 klopt helemaal)

1 2 3 4 5 6 — Ik heb te veel stress

1 2 3 4 5 6 — Ik luister niet goed

1 2 3 4 5 6 — Ik ben te gevoelig en neem dingen te persoonlijk

1 2 3 4 5 6 — Ik kan slecht over mijn gedachten en gevoelens praten

1 2 3 4 5 6 — Ik voel me minder dan mijn partner en heb niets te zeggen

1 2 3 4 5 6 — Ik kan slecht tegen kritiek

1 2 3 4 5 6 — Ik heb geen zin om te praten

1 2 3 4 5 6 — Ik kan niet met mijn partner bidden

1 2 3 4 5 6 — Ik heb moeite om los te komen van mijn tv/hobby/internet…

Bespreek de uitkomst met elkaar en probeer erachter te komen waarom de beoordeling zoals die is.